ECLI:NL:CRVB:2008:BD5835
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- A.B.J. van der Ham
- K. Zeilemaker
- E.J.M. Heijs
- Rechtspraak.nl
Verlaging bijstandsuitkering wegens onvoldoende medewerking aan medisch onderzoek
Appellante ontving een bijstandsuitkering op grond van de Wet werk en bijstand (WWB). Het College van burgemeester en wethouders van Rotterdam had haar uitkering met 20% verlaagd voor de duur van één maand wegens het niet meewerken aan een medisch onderzoek.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellante tegen deze verlaging ongegrond. In hoger beroep oordeelt de Centrale Raad van Beroep dat appellante in redelijkheid verplicht was mee te werken aan het medisch onderzoek en dat het College terecht een maatregel oplegde. Echter, de Raad stelt dat de gedraging moet worden gekwalificeerd als een gedraging uit de tweede categorie, die een verlaging van 10% gedurende één maand rechtvaardigt, niet 20%.
De Raad vernietigt het bestreden besluit en de uitspraak van de rechtbank en bepaalt dat de bijstand van appellante met ingang van 1 december 2005 met 10% wordt verlaagd gedurende één maand. Tevens veroordeelt de Raad het College in de proceskosten van appellante.
Uitkomst: De bijstand van appellante wordt met ingang van 1 december 2005 met 10% gedurende één maand verlaagd in plaats van 20%.