ECLI:NL:CRVB:2008:BC8236
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- D.J. van der Vos
- R.C. Stam
- R. Kruisdijk
- Rechtspraak.nl
Intrekking WAO-uitkering wegens onvoldoende medische grondslag door niet-verzekeringsarts
Betrokkene kreeg zijn WAO-uitkering ingetrokken per 14 november 2004 vanwege een arbeidsongeschiktheid van minder dan 15%. Dit besluit werd aangevochten en de rechtbank oordeelde dat het medisch onderzoek niet zorgvuldig was en het besluit onvoldoende gemotiveerd, waardoor het besluit onrechtmatig was.
In hoger beroep werd betoogd dat het primaire medische onderzoek op 7 juni 2004 niet door een verzekeringsarts was uitgevoerd, wat volgens jurisprudentie van de Raad niet is toegestaan. De Raad bevestigde dat registratie als verzekeringsarts borg staat voor kwaliteit en dat het ontbreken daarvan niet in de bezwaarfase was hersteld, mede omdat de niet-geregistreerde arts tot een andere inschatting kwam dan eerdere verzekeringsartsen.
De Raad concludeerde dat het besluit in strijd was met het Schattingsbesluit arbeidsongeschiktheidswetten en de Awb en vernietigde het bestreden besluit. Appellant moet opnieuw beslissen op het bezwaar met inachtneming van deze overwegingen. Tevens werd appellant veroordeeld tot vergoeding van proceskosten van betrokkene.
Uitkomst: Het besluit tot intrekking van de WAO-uitkering wordt vernietigd vanwege onvoldoende medische grondslag door een niet-geregistreerde verzekeringsarts.