ECLI:NL:CRVB:2008:BC4301
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.C.F. Talman
- K.J. Kraan
- B.M. van Dun
- Rechtspraak.nl
Bevestiging onvoorwaardelijk ontslag wegens plichtsverzuim van bewaarder DJI
Appellant was als bewaarder bij de Dienst Justitiële Inrichtingen werkzaam en kreeg op 30 augustus 2005 onvoorwaardelijk ontslag opgelegd wegens plichtsverzuim. Dit plichtsverzuim bestond uit het onderhouden van verboden contact met relaties van gedetineerden via zijn mobiele telefoon, het aannemen van een pakketje met vermoedelijk drugs, het helpen bij het overmaken van geld en het afleggen van een onwaarachtige verklaring.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond. In hoger beroep heeft de Centrale Raad van Beroep het oordeel van de rechtbank bevestigd. De Raad acht bewezen dat appellant zich bewust was van het verbod op het gebruik van zijn mobiele telefoon en dat hij de taken van het Bureau sociale dienstverlening overschreed. Ook acht de Raad aannemelijk dat appellant betrokken was bij het overmaken van geld en het aannemen van het pakketje, ongeacht de inhoud daarvan.
De Raad verwierp de argumenten van appellant over gebrek aan kennis van gedragsregels, groepscultuur en persoonlijke omstandigheden. Ook oordeelde de Raad dat de minister bevoegd was tot het opleggen van het ontslag en dat de straf niet onevenredig was. Procedurële grieven van appellant werden eveneens verworpen.
De uitspraak van 30 augustus 2006 van de rechtbank Roermond wordt bevestigd, waarmee het onvoorwaardelijk ontslag rechtsgeldig blijft.
Uitkomst: Het onvoorwaardelijk ontslag van appellant wegens plichtsverzuim wordt bevestigd.