ECLI:NL:CRVB:2008:BC2858
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.C.F. Talman
- M.C. Bruning
- K.J. Kraan
- Rechtspraak.nl
Ontslag ambtenaar wegens onbekwaamheid onvoldoende onderbouwd
Appellante was werkzaam als chemisch laborant in een instroomfunctie bij de provincie Zeeland. Na kritiek op haar uitvoering van emissiemetingen werd een verbetertraject ingezet, dat zij voortijdig staakte door ziekte. Gedeputeerde Staten verleenden daarop ontslag wegens onbekwaamheid of ongeschiktheid anders dan wegens ziekte.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellante ongegrond, maar de Centrale Raad van Beroep oordeelde anders. De Raad stelde vast dat uit eerdere functioneringsgesprekken een positief beeld van appellantes functioneren naar voren kwam en dat de kritiek pas laat en door collega’s werd geuit, mogelijk ingegeven door conflicten.
Verder bleek uit de functiebeschrijving dat het zelfstandig uitvoeren van emissiemetingen niet tot haar takenpakket behoorde. De Raad concludeerde dat er onvoldoende grondslag was voor het ontslagbesluit en vernietigde het besluit en de uitspraak van de rechtbank. Gedeputeerde Staten moeten een nieuw besluit nemen, waarbij ook de schadevergoeding kan worden betrokken.
Uitkomst: Het ontslagbesluit wegens onbekwaamheid wordt vernietigd en Gedeputeerde Staten moeten een nieuw besluit nemen.