ECLI:NL:CRVB:2007:BC0442
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- M.A. Hoogeveen
- C.P.J. Goorden
- B.M. van Dun
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit korting WW-uitkering wegens onvoldoende sollicitatie-inspanningen
Appellant, voormalig betonijzervlechter, ontving een WW-uitkering na herbeoordeling van zijn arbeidsongeschiktheid. Het UWV legde een korting van 20% gedurende 16 weken op vanwege onvoldoende sollicitatie-inspanningen voorafgaand aan de werkloosheid. De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond, omdat de sollicitaties onvoldoende aannemelijk waren gemaakt of niet verifieerbaar.
In hoger beroep betwist appellant deze beoordeling en stelt dat het UWV-beleid inhoudt dat één sollicitatie voorafgaand aan de werkloosheid voldoende is en dat zijn sollicitatie bij W. van Veluw B.V. reëel en verifieerbaar is. De Raad oordeelt dat de meeste sollicitaties onvoldoende aannemelijk zijn gemaakt en dat het UWV ten onrechte geen verificatie heeft uitgevoerd van twee sollicitaties die appellant wel heeft opgegeven.
De Raad vernietigt daarom het bestreden besluit en de aangevallen uitspraak wegens ondeugdelijke motivering en onvoldoende zorgvuldige voorbereiding. Omdat het UWV tijdens de procedure alsnog verificatie heeft verricht en de sollicitaties niet aannemelijk bleken, blijven de rechtsgevolgen van het besluit (korting op de uitkering) in stand. De Raad veroordeelt het UWV tot vergoeding van de proceskosten en griffierechten van appellant.
Uitkomst: Het besluit tot korting van 20% op de WW-uitkering wordt vernietigd wegens ondeugdelijke motivering, maar de rechtsgevolgen blijven in stand.