ECLI:NL:CRVB:2007:BB8489
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- C.W.J. Schoor
- H.G. Rottier
- C.P.M. van de Kerkhof
- Rechtspraak.nl
Bevestiging herziening WAO-uitkering na herbeoordeling arbeidsongeschiktheid
Appellante, voormalig administratief medewerkster, meldde zich ziek met psychische en lichamelijke klachten. Het UWV kende haar aanvankelijk een WAO-uitkering toe van 80-100% arbeidsongeschiktheid. Na herbeoordeling stelde het UWV de uitkering bij naar 55-65%, gebaseerd op een arbeidsdeskundige schatting van resterende verdiencapaciteit.
De rechtbank vernietigde het herzieningsbesluit vanwege onvoldoende onderbouwing van de geschiktheid van de geselecteerde functies, maar liet de rechtsgevolgen van het besluit in stand. In hoger beroep betoogde appellante dat haar belastbaarheid werd overschat, maar de Raad volgde de rechtbank en concludeerde dat het UWV de belastbaarheid niet onjuist had vastgesteld.
De Raad nam de eerdere overwegingen over en wees de grieven van appellante af. Ook een nieuwe medische verklaring bracht geen nieuwe inzichten. De Raad bevestigde dat de geselecteerde functies medisch geschikt zijn en wees het hoger beroep af, waarmee het bestreden besluit en de rechtsgevolgen gehandhaafd blijven.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt het besluit tot herziening van de WAO-uitkering naar 55-65% arbeidsongeschiktheid.