ECLI:NL:CRVB:2007:BB4210
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J. Janssen
- J. Brand
- I.M.J. Hilhorst-Hagen
- Rechtspraak.nl
Weigering tegemoetkoming schoolkosten wegens niet tijdig indienen aanvraag na verblijfsdocument
Betrokkene verzocht om een tegemoetkoming op grond van de Wet tegemoetkoming onderwijsbijdrage en schoolkosten (Wtos) voor het schooljaar 2002-2003, nadat zij met terugwerkende kracht een geldig verblijfsdocument ontving. Appellante, de hoofddirectie van de Informatie Beheer Groep, weigerde dit omdat de aanvraag niet binnen zes weken na het verkrijgen van het verblijfsdocument was ingediend.
Betrokkene maakte bezwaar tegen deze weigering, stellende dat zij reeds legaal verbleef en dat het besluit van de minister haar rechtmatig verblijf bevestigde. De rechtbank verklaarde het beroep gegrond en vernietigde het besluit, omdat artikel 4:6 van Pro de Algemene wet bestuursrecht (Awb) niet toestaat een aanvraag af te wijzen wegens niet tijdige indiening als er wel nieuwe feiten of omstandigheden zijn.
De Centrale Raad van Beroep bevestigt deze uitspraak en oordeelt dat appellante ten onrechte de aanvraag heeft afgewezen op grond van niet tijdige indiening zonder te onderzoeken of er nieuwe feiten of omstandigheden waren. De discretionaire bevoegdheid van appellante strekt niet zover dat zij een aanvraag kan afwijzen op deze grond wanneer nieuwe feiten of omstandigheden zijn gesteld.
De Raad veroordeelt appellante tot betaling van de proceskosten van betrokkene en heft griffierecht. Deze uitspraak benadrukt de juiste toepassing van artikel 4:6 Awb Pro en de grenzen aan de discretionaire bevoegdheid van bestuursorganen bij het terugkomen op rechtens vaststaande beschikkingen.
Uitkomst: De Raad bevestigt dat de aanvraag niet mag worden afgewezen wegens niet tijdige indiening als er nieuwe feiten of omstandigheden zijn en veroordeelt appellante in de proceskosten.