ECLI:NL:CRVB:2007:BA8319
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- C.W.J. Schoor
- H.G. Rottier
- E. Dijt
- Rechtspraak.nl
Vernietiging WAO-besluit met in stand laten rechtsgevolgen en toekenning wettelijke rente
Appellant, werkzaam als distributiechauffeur, meldde zich ziek na een motorongeval en ontving een WAO-uitkering. Na een herbeoordeling stelde de verzekeringsarts beperkingen vast die leidden tot een herziening van de uitkering. Het UWV nam een besluit waarbij appellant werd ingedeeld in een arbeidsongeschiktheidsklasse van 55 tot 65%.
Appellant maakte bezwaar tegen de medische en arbeidskundige grondslagen van dit besluit, onder meer vanwege woordvindingsproblemen en zwaardere beperkingen. De rechtbank vernietigde het besluit wegens onvoldoende motivering van de geschiktheid van bepaalde functies en wees proceskosten toe.
In hoger beroep bevestigde de Raad het oordeel van de rechtbank over de medische grondslag en vernietigde het tweede besluit van het UWV eveneens, maar liet de rechtsgevolgen in stand. Tevens werd het UWV veroordeeld tot vergoeding van wettelijke rente over de nabetaling en de proceskosten van appellant.
Uitkomst: Het tweede UWV-besluit wordt vernietigd, rechtsgevolgen blijven in stand en wettelijke rente wordt toegekend.