ECLI:NL:CRVB:2007:BA5345
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Beoordeling proceskostenveroordeling in hoger beroep bij bijstandsmaatregel
Betrokkene werd op 6 juli 2004 op staande voet ontslagen en vroeg op 9 juli 2004 bijstand aan. De gemeente De Bilt verleende bijstand met een maatregel van 100% korting gedurende één maand wegens het niet behouden van de dienstbetrekking door eigen schuld. Tevens werd betrokkene verplicht een civiele procedure te starten tegen zijn werkgever.
De gemeente verklaarde het bezwaar van betrokkene tegen deze maatregel ongegrond en vorderde later de bijstand over juli tot en met september 2004 terug, omdat betrokkene alsnog loon had ontvangen. Betrokkene stelde beroep in tegen het besluit, maar de rechtbank verklaarde hem niet-ontvankelijk omdat hij geen belang meer had, aangezien hij geen bijstand meer ontving over de betwiste periode.
De gemeente stelde hoger beroep in tegen de proceskostenveroordeling, stellende dat deze niet terecht was zonder inhoudelijke beoordeling van de maatregel. De Raad oordeelde dat voor proceskostenveroordeling geen onrechtmatigheid van het besluit vereist is en dat het risico van loonontvangst bij de gemeente ligt. De Raad bevestigde de proceskostenveroordeling van € 644,- ten laste van de gemeente.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de proceskostenveroordeling van de gemeente De Bilt ten bedrage van € 644,-.