ECLI:NL:CRVB:2007:BA5332
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing bijzondere bijstand voor kosten vloerbedekking, verf en gordijnen
Appellante verhuisde op 4 maart 2004 naar een grotere woning en diende op 16 maart 2004 een aanvraag in voor bijzondere bijstand voor de kosten van vloerbedekking, verf en gordijnen, die zij reeds had aangeschaft met geleend geld van haar tante.
Het College wees de aanvraag op 19 april 2004 af en verklaarde het bezwaar ongegrond op 16 september 2004. De rechtbank bevestigde deze beslissing en ook in hoger beroep oordeelde de Centrale Raad van Beroep dat de aanvraag feitelijk een verzoek om bijstand voor een schuld betrof, waarvoor op grond van artikel 13 lid 1 sub f WWB Pro geen recht op bijstand bestaat.
De Raad stelde vast dat appellante beschikte over voldoende middelen om in de noodzakelijke kosten van het bestaan te voorzien, ondanks haar schuldsaneringstraject. Daarnaast kon zij de gestelde zeer dringende redenen niet met objectieve gegevens onderbouwen. De Raad bevestigde daarom de eerdere uitspraak en wees het hoger beroep af.
Uitkomst: De aanvraag voor bijzondere bijstand is terecht afgewezen en het hoger beroep wordt verworpen.