ECLI:NL:CRVB:2007:BA2804
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.W. Schuttel
- R.C. Stam
- J.P.M. Zeijen
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking WAO-uitkering wegens onvoldoende arbeidsongeschiktheid
Appellant maakte bezwaar tegen het besluit van het UWV om zijn WAO-uitkering per 7 januari 2004 in te trekken op grond van een arbeidsongeschiktheid van minder dan 35%. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en de Centrale Raad van Beroep bevestigt deze uitspraak in hoger beroep.
De Raad overwoog dat de medische beperkingen van appellant juist waren vastgesteld door verzekeringsarts H.J. Schaap en bevestigd door bezwaarverzekeringsarts J.C. Kokenberg. De medische gegevens waren voldoende en er waren geen aanwijzingen voor zwaardere beperkingen dan vastgesteld. De eigen mening van appellant, niet onderbouwd met medische gegevens, werd niet gevolgd.
Daarnaast achtte de Raad, evenals de rechtbank, dat appellant geschikt is voor de door de arbeidsdeskundige geselecteerde functies, zonder dat zijn belastbaarheid werd overschreden. Het opleidingsniveau van appellant werd terecht vastgesteld op niveau 4, passend bij zijn afgeronde MTS electro-opleiding in Turkije.
Gezien deze bevindingen faalt het hoger beroep en wordt de intrekking van de WAO-uitkering bevestigd. Er zijn geen gronden voor toepassing van artikel 8:75 Awb Pro.
Uitkomst: De intrekking van de WAO-uitkering wordt bevestigd omdat appellant geschikt is voor arbeid met minder dan 15% verlies aan verdiencapaciteit.