ECLI:NL:CRVB:2007:BA1548
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- G.J.H. Doornewaard
- I.M.J. Hilhorst-Hagen
- J.P.M. Zeijen
- Rechtspraak.nl
Bevestiging terugvordering studieschuld en toepassing WSF 2000 bij reguliere schuld
Appellant stelde in hoger beroep dat de terugvordering van zijn studieschuld was verjaard omdat de termijn van vijf jaar na het studiefinancieringstijdvak was overschreden en dat de WSF 2000 niet op hem van toepassing was. Tevens vond appellant toepassing van de prestatiebeursregeling op zijn situatie redelijk en beriep zich op de hardheidsclausule.
De Raad overwoog dat de schuld van appellant op grond van de oude WSF van rechtswege is omgezet in een schuld onder de WSF 2000, waardoor de bepalingen van deze wet van toepassing zijn. De rechtbank had terecht geoordeeld dat de terugvordering niet eerder dan 1 januari 2005 mocht plaatsvinden, aangezien appellant zijn studie in augustus 2002 beëindigde. De door appellant aangehaalde uitspraak over een kortlopende schuld na een herzieningsbesluit was niet relevant voor zijn reguliere studieschuld.
Verder oordeelde de Raad dat de prestatiebeursregeling niet op appellant van toepassing is omdat hij studiefinanciering ontving in de periode die onder de tempobeurs valt. De IB-Groep mocht de hardheidsclausule niet toepassen omdat geen bijzondere omstandigheden waren gebleken en de wettelijke regeling juist was toegepast. Het beroep op het vertrouwensbeginsel werd eveneens verworpen. Het hoger beroep werd daarom ongegrond verklaard.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt dat de terugvordering van de reguliere studieschuld niet is verjaard en dat de WSF 2000 van toepassing is, waarbij de prestatiebeursregeling niet op appellant van toepassing is.