ECLI:NL:CRVB:2007:AZ8547
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- R.C. Schoemaker
- G. van der Wiel
- M.C. Bruning
- Rechtspraak.nl
Bevestiging korting WAZ-uitkering ondanks wijziging winst advocaat
Appellant, die een advocatenkantoor exploiteert, ontving een WAZ-uitkering op basis van een arbeidsongeschiktheidspercentage vastgesteld tussen 80 en 100%. Later werd dit percentage aangepast naar 65 tot 80%. Na ontvangst van de jaarstukken over 2002 berekende een arbeidsdeskundige een restverlies aan verdiencapaciteit van 31,43%, waarop het UWV de WAZ-uitkering aanpaste naar een lagere arbeidsongeschiktheidsklasse.
Appellant voerde aan dat bij de toepassing van artikel 58 WAZ Pro rekening gehouden moest worden met de toegenomen winst door verhoging van toevoegingsgelden, en dat het maatmaninkomen geactualiseerd in plaats van geïndexeerd moest worden. Tevens beriep hij zich op artikel 4:84 van Pro de Algemene wet bestuursrecht.
De Raad oordeelde dat het Schattingsbesluit arbeidsongeschiktheidswetten als algemeen verbindend voorschrift geldt en dat wijzigingen in het maatmaninkomen na de eerste vaststelling van de mate van arbeidsongeschiktheid niet in aanmerking worden genomen. Het beroep op artikel 4:84 Awb Pro faalde omdat dit artikel niet van toepassing is op een algemeen verbindend voorschrift. Het hoger beroep werd verworpen en de aangevallen uitspraak bevestigd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de korting op de WAZ-uitkering zonder rekening te houden met latere wijzigingen in het maatmaninkomen.