ECLI:NL:CRVB:2006:AZ4096
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging beslissing UWV over mate van arbeidsongeschiktheid volgens WAO
Appellant stelde zich in hoger beroep op het standpunt dat zijn beperkingen niet juist waren weergegeven in het FIS-belastbaarheidspatroon en dat hij niet in staat was meer dan 10 uur per week te werken. Hij steunde zich daarbij op het rapport van de bezwaarverzekeringsarts Stammers.
De rechtbank had eerder het beroep ongegrond verklaard en de Raad sluit zich hierbij aan. De Raad acht het rapport van Stammers niet doorslaggevend omdat het berust op een verkeerde interpretatie van het eerdere rapport van verzekeringsarts Ververs-van Hellenberg Hubar. Deze arts had vastgesteld dat appellant geschikt is voor hele dagen werk in een rustige omgeving, ondanks energieverlies.
De bezwaarverzekeringsarts Waasdorp bevestigde dit standpunt en concludeerde dat een algemene beperking tot 10 uur per week niet gerechtvaardigd is. De Raad heeft geen aanwijzingen gevonden dat de beperkingen zijn overschat. De aangevallen uitspraak wordt bevestigd en er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het hoger beroep van appellant wordt ongegrond verklaard en de eerdere uitspraak bevestigd.