ECLI:NL:CRVB:2006:AZ2955
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- D.J. van der Vos
- J.W. Schuttel
- R.C. Stam
- Rechtspraak.nl
Bevestiging herziening WAO-uitkering bij arbeidsongeschiktheid van 15-25%
Appellante was aanvankelijk arbeidsongeschikt verklaard met een mate van 80-100%, maar het UWV beëindigde haar WAO-uitkering per 23 mei 2002 omdat haar arbeidsongeschiktheid was afgenomen tot minder dan 15%. Na bezwaar handhaafde het UWV dit besluit, maar wijzigde dit later en herzag de uitkering naar een mate van arbeidsongeschiktheid van 15-25%. De rechtbank verklaarde het beroep tegen het handhavingsbesluit niet-ontvankelijk en wees het beroep tegen de herziening af.
In hoger beroep betoogde appellante dat haar beperkingen in de Functionele Mogelijkheden Lijst (FML) waren overschat en dat onterecht geen duurbeperking was aangenomen, mede gebaseerd op rapportages van psychiater Mutsaers. De Raad stelde echter vast dat de deskundige benoemd door de rechtbank, psychiater Van den Bosch, voldoende aannemelijk had gemaakt dat de beperkingen niet tot een duurbeperking leidden en onderschreef diens conclusies.
De arbeidskundige rapportage bevestigde dat de voorgehouden functies, ondanks de beperkingen, binnen de mogelijkheden van appellante vielen. Appellante zag af van vergoeding van bezwaar- en proceskosten. De Raad concludeerde dat het hoger beroep niet slaagt en bevestigde de aangevallen uitspraak, zonder proceskostenveroordeling.
Uitkomst: De herziening van de WAO-uitkering naar 15-25% arbeidsongeschiktheid wordt bevestigd en het hoger beroep wordt ongegrond verklaard.