ECLI:NL:CRVB:2006:AZ1177
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- M.A. Hoogeveen
- C.P.J. Goorden
- B.M. van Dun
- Rechtspraak.nl
Blijvende weigering overneming betalingsverplichtingen werkgever niet gerechtvaardigd
Betrokkenen, werkzaam bij Kraamzorg Nederland B.V. (KZN), traden per 1 februari 2004 in dienst bij UniQue Care B.V., een concurrerend bedrijf, nadat er onenigheid was ontstaan tussen de bestuurders van KZN over een mogelijke splitsing. Hoewel betrokkenen een concurrentiebeding hadden, werd hen door een bestuurder van KZN een keuzevrijheid toegezegd bij een splitsing. De voorzieningenrechter verbood echter de concurrerende werkzaamheden omdat geen formele splitsing had plaatsgevonden.
UniQue Care B.V. kon niet aan haar betalingsverplichtingen voldoen, waarna betrokkenen een aanvraag deden voor overneming van deze verplichtingen door het UWV. Dit werd door het UWV geweigerd op grond van het vermoeden dat betrokkenen redelijkerwijs hadden kunnen voorzien dat de loonbetaling niet gegarandeerd was.
De rechtbank oordeelde dat de voorzienbaarheid gering was, waardoor de zwaarste sanctie niet gerechtvaardigd was. De Centrale Raad van Beroep bevestigt dit oordeel en stelt dat betrokkenen niet volledig verantwoordelijk kunnen worden gehouden voor de betalingsonmacht, mede gezien de onduidelijkheden en het vertrouwen dat betrokkenen hadden in de situatie. De blijvende gehele weigering van overneming wordt daarom vernietigd en het hoger beroep van het UWV wordt afgewezen.
Uitkomst: De blijvende gehele weigering van overneming van betalingsverplichtingen door het UWV is vernietigd en het hoger beroep van het UWV wordt afgewezen.