ECLI:NL:CRVB:2006:AY4138
Centrale Raad van Beroep
- Eerste aanleg - meervoudig
- M.M. van der Kade
- T.L. de Vries
- H.J. Simon
- Rechtspraak.nl
Beoordeling korting AOW-uitkering wegens onverzekerde tijdvakken in hoger beroep
Appellant heeft een aanvraag ingediend voor een AOW-uitkering die door de Sociale verzekeringsbank (Svb) werd gekort vanwege onverzekerde perioden tussen 1961 en 1976. De rechtbank had het besluit deels vernietigd voor de periode in 1961, maar verklaarde het beroep voor het overige ongegrond.
In hoger beroep betwist appellant dat hij in de jaren 1970-1976 in het buitenland woonde en stelt dat hij deels in Nederland verbleef en werkte op Nederlandse schepen en bij een Nederlands bedrijf. De Svb baseerde zich op gegevens van bevolkingsregisters die het tegendeel aannamen.
De Raad concludeert dat appellant onvoldoende bewijs heeft geleverd om de juistheid van de registers te betwisten. De verklaringen van derden en medische gegevens zijn onvoldoende om het standpunt van appellant te ondersteunen. Daarom is de korting van 12% op de AOW-uitkering terecht toegepast.
Het hoger beroep tegen het bestreden besluit wordt niet-ontvankelijk verklaard omdat het nadere besluit in de plaats is gekomen en appellant geen belang meer heeft bij de beoordeling daarvan. Het beroep tegen het nadere besluit wordt ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het hoger beroep tegen het bestreden besluit wordt niet-ontvankelijk verklaard en het beroep tegen het nadere besluit ongegrond.