ECLI:NL:CRVB:2006:AY3899
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit arbeidsongeschiktheid en toewijzing proceskosten en schadevergoeding
Appellant maakte bezwaar tegen een besluit van het UWV waarin zijn arbeidsongeschiktheid was vastgesteld op 25 tot 35%, terwijl eerder een hogere mate was vastgesteld. Het UWV trok het bestreden besluit in en stelde de arbeidsongeschiktheid per 12 maart 2001 opnieuw vast op 80 tot 100%, waarmee het beroep van appellant werd ingewilligd.
De Centrale Raad van Beroep oordeelde dat het gewijzigde besluit het beroep geheel tegemoet kwam, waardoor het beroep gegrond werd verklaard en het bestreden besluit werd vernietigd. Tevens werd het UWV veroordeeld tot vergoeding van proceskosten in zowel eerste aanleg als hoger beroep, alsmede tot betaling van wettelijke rente over de nabetaling van de WAO-uitkering.
De Raad wees ook de vordering toe voor de kosten van een deskundigenrapport, gebaseerd op de toepasselijke forfaitaire vergoeding volgens het Besluit proceskosten bestuursrecht en het Besluit tarieven in strafzaken. Het griffierecht werd eveneens aan appellant vergoed.
De uitspraak benadrukt de toepassing van artikelen uit de Algemene wet bestuursrecht en bevestigt de rechtspraak omtrent nabetaling en rentevergoeding bij WAO-uitkeringen.
Uitkomst: Het bestreden besluit wordt vernietigd, het beroep gegrond verklaard en het UWV veroordeeld tot betaling van proceskosten, wettelijke rente en griffierecht.