ECLI:NL:CRVB:2006:AX8883
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Th. C. van Sloten
- A.B.J. van der Ham
- H.J. de Mooij
- Rechtspraak.nl
Intrekking en terugvordering WIK-uitkering wegens schending inlichtingenverplichting
Betrokkene ontving een WIK-uitkering in de vorm van een lening tot 10 maart 2003. Appellant trok het recht op uitkering over 2002 in vanwege het niet verstrekken van benodigde gegevens, en vorderde de uitkering van €6.481,92 terug. De rechtbank verklaarde het bezwaar gegrond en vernietigde het besluit vanwege een onjuiste wettelijke grondslag en het ontbreken van opschorting en hersteltermijn.
De Raad stelde vast dat de intrekking terecht was omdat betrokkene niet aan zijn informatieplicht had voldaan, waardoor het definitieve recht niet kon worden vastgesteld. De Raad oordeelde echter dat terugvordering over de periode van meer dan twee jaar vóór het besluit in strijd is met artikel 23d, derde lid, WIK, en vernietigde het terugvorderingsbesluit.
De Raad handhaafde de intrekking, vernietigde het besluit van 26 juli 2004, en bepaalde dat appellant een nieuw besluit op bezwaar moet nemen. Tevens veroordeelde de Raad appellant in de proceskosten van betrokkene ten bedrage van €644. De uitspraak benadrukt de temporele werking van wetgeving en de wettelijke grondslagen voor intrekking en terugvordering van WIK-uitkeringen.
Uitkomst: De intrekking van de WIK-uitkering wordt gehandhaafd, het terugvorderingsbesluit wordt vernietigd, en appellant wordt veroordeeld in de proceskosten.