ECLI:NL:CRVB:2006:AX8568
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Evenredigheid berisping wegens plichtsverzuim door ongewenst contact met collega
Betrokkene, werkzaam als controlefunctionaris bij de Belastingdienst, werd berispt wegens plichtsverzuim omdat hij onvoldoende professionele afstand hield tot een collega die hem lastig viel. De collega had klachten ingediend over ongewenst telefonisch contact en hinderlijk volgen.
De rechtbank Middelburg vernietigde de berisping omdat onvoldoende bewijs zou zijn geleverd, mede vanwege het niet overleggen van anonieme verklaringen. De Staatssecretaris stelde hoger beroep in tegen deze uitspraak.
De Centrale Raad van Beroep oordeelde dat de berisping niet onevenredig is en dat betrokkene zich niet als een goed ambtenaar heeft gedragen door ondanks een dringend advies toch regelmatig telefonisch contact te zoeken met de collega. De Raad verwierp het bezwaar tegen het alsnog inbrengen van de uitgewerkte verklaringen en stelde vast dat het bewijs voldoende was voor het plichtsverzuim.
De Raad vernietigde de uitspraak van de rechtbank voor zover die de berisping betrof en verklaarde het beroep van de Staatssecretaris ongegrond. De overige proceskostenverdeling bleef gehandhaafd.
Uitkomst: De berisping wegens plichtsverzuim wordt gehandhaafd en het hoger beroep van de Staatssecretaris wordt gegrond verklaard.