ECLI:NL:CRVB:2006:AV9537
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Th.C. van Sloten
- C. van Viegen
- J.N.A. Bootsma
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking en terugvordering bijstandsuitkering wegens schending inlichtingenverplichting en ontbreken duurzaam gescheiden leven
Appellante ontving bijstand als alleenstaande ouder sinds haar echtgenoot in detentie ging. Gedaagde trok de bijstandsuitkering met terugwerkende kracht in en vorderde de kosten terug omdat appellante onjuiste en onvolledige informatie had verstrekt over haar woonsituatie en het duurzaam gescheiden leven van haar echtgenoot.
De Raad overwoog dat duurzaam gescheiden leven vereist dat de echtgenoten ieder hun eigen leven leiden en dat deze toestand bestendig is bedoeld. Gezien het feit dat de echtgenoot van appellante meerdere malen op haar adres was ingeschreven, zij de achternaam van haar echtgenoot aannam en er een kind werd geboren, was er geen sprake van duurzaam gescheiden leven vanaf 14 juni 1999.
Appellante had bovendien nagelaten belangrijke wijzigingen, zoals het in- en uitschrijven van haar echtgenoot op haar adres en diens detentieperioden, te melden. Dit vormde een schending van haar inlichtingenverplichting. De Raad oordeelde dat gedaagde terecht het recht op bijstand heeft ingetrokken en de kosten heeft teruggevorderd. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: De intrekking en terugvordering van de bijstandsuitkering worden bevestigd wegens schending van de inlichtingenverplichting en het ontbreken van duurzaam gescheiden leven.