ECLI:NL:CRVB:2006:AV8601
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Th.C. van Sloten
- R.M. van Male
- C. van Viegen
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking uitkering WIK wegens overschrijding vermogensgrens door toekomstige schuld
Appellant stelde hoger beroep in tegen de intrekking van zijn uitkering op grond van de Wet inkomensvoorziening kunstenaars (WIK) over de periode van 5 juli 2000 tot en met 10 oktober 2000. De intrekking was gebaseerd op het feit dat appellant beschikte over vermogen boven de toepasselijke vermogensgrens.
In hoger beroep stond de vraag centraal of een schuld van 20.000 gulden aan Securitas Limited terecht buiten beschouwing was gelaten bij de vermogensvaststelling. Uit de leenovereenkomst bleek dat de terugbetalingsverplichting pas inging na ontvangst van een stipendium, een toekomstige en onzekere gebeurtenis. Volgens vaste rechtspraak van de Raad is een dergelijke toekomstige schuld niet relevant voor de WIK-toepassing in samenhang met de Algemene bijstandswet.
De Raad oordeelde dat de schuld terecht buiten beschouwing was gelaten en bevestigde daarmee de intrekking van de uitkering. Tevens wees de Raad het verzoek van appellant tot schadevergoeding af en zag geen aanleiding voor een veroordeling in proceskosten.
Uitkomst: De intrekking van de WIK-uitkering wordt bevestigd omdat de toekomstige schuld niet in mindering mocht worden gebracht op het vermogen.