ECLI:NL:CRVB:2005:AV0090
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- G. van der Wiel
- C.W.J. Schoor
- M.C. Bruning
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking WAZ-uitkering wegens onvoldoende arbeidsongeschiktheid na medisch en arbeidskundig onderzoek
Appellant, een voormalig zelfstandig discotheekhouder, ontving sinds 1989 een arbeidsongeschiktheidsuitkering die in 1998 werd omgezet in een WAZ-uitkering. Na een herbeoordeling in 2000 concludeerden medische en arbeidskundige rapporten dat appellant minder dan 25% arbeidsongeschikt was. Gedaagde trok de uitkering in per 16 juli 2001.
Appellant voerde in bezwaar en beroep aan volledig arbeidsongeschikt te zijn, maar bracht geen nieuwe medische informatie aan. De Raad liet een onafhankelijk psychiater onderzoek doen, die geen ziekte of gebrek in psychiatrische zin vaststelde en het belastbaarheidsprofiel bevestigde. De Raad volgde de eerdere medische en arbeidskundige beoordelingen en oordeelde dat de intrekking terecht was.
De rechtbank had het beroep van appellant ongegrond verklaard en de Raad onderschrijft deze beoordeling volledig. Er is geen aanleiding om af te wijken van het oordeel van de deskundige. Het hoger beroep wordt verworpen en de intrekking van de WAZ-uitkering bevestigd.
Uitkomst: De intrekking van de WAZ-uitkering per 16 juli 2001 wordt bevestigd en het hoger beroep van appellant wordt ongegrond verklaard.