ECLI:NL:CRVB:2005:AU6258
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- T. Hoogenboom
- C.P.J. Goorden
- R.P.Th. Elshoff
- Rechtspraak.nl
Centrale Raad van Beroep vernietigt uitspraak over gedeeltelijke weigering WW-uitkering wegens onvoldoende sollicitatie
Gedaagde, een internist intensivist, kreeg een gedeeltelijke weigering van zijn WW- en bovenwettelijke uitkering opgelegd wegens onvoldoende sollicitatieactiviteiten in de periode van 5 augustus tot 1 september 2002. Het UWV oordeelde dat hij niet voldeed aan de sollicitatieplicht zoals bedoeld in artikel 24 van Pro de WW, mede omdat hij niet voldoende had gezocht naar passende arbeid op lager niveau.
De rechtbank oordeelde aanvankelijk dat gedaagde onvoldoende had gesolliciteerd en dat appellanten hem hadden moeten waarschuwen voordat zij een maatregel oplegden, waardoor verwijtbaarheid ontbrak en de maatregel onterecht was opgelegd. Het UWV en het Academisch Ziekenhuis gingen tegen deze uitspraak in hoger beroep.
De Centrale Raad van Beroep stelt dat gedaagde onvoldoende passende arbeid heeft gezocht en dat de rechtbank ten onrechte oordeelde dat appellanten eerst hadden moeten waarschuwen. De Raad acht de maatregel terecht opgelegd en vernietigt de eerdere uitspraken, verklaart het hoger beroep van appellanten ongegrond en bevestigt de gedeeltelijke weigering van de uitkering.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep vernietigt de eerdere uitspraken en verklaart het hoger beroep van appellanten ongegrond, waardoor de maatregel van gedeeltelijke weigering van de WW-uitkering blijft gehandhaafd.