ECLI:NL:CRVB:2005:AU5599
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging vastgestelde gedifferentieerde WAO-premie ondanks lopende procedures over WAO-uitkeringen
Appellante stelde hoger beroep in tegen de vaststelling van de gedifferentieerde WAO-premie voor het premiejaar 2003, omdat zij van mening was dat de premieberekening onjuist was vanwege lopende procedures over de toekenning van WAO-uitkeringen aan twee voormalige werknemers.
Zij betoogde dat de besluiten tot toekenning van deze uitkeringen nog niet in rechte vaststaan en dat de premieberekening daardoor onvoldoende gemotiveerd is. De Raad oordeelde echter dat voor toekenningsbesluiten na 1 januari 1998 de regeling van artikel 6 van Pro het Besluit premiedifferentiatie WAO geldt, waarbij een herziening van de premie pas plaatsvindt bij herroeping van de uitkeringsbesluiten.
Omdat de uitkeringsbesluiten voor beide werknemers niet zijn herroepen, blijft de vastgestelde premie gehandhaafd. De Raad verwierp het beroep en bevestigde de uitspraak van de rechtbank. Tevens wees de Raad een verzoek om toepassing van artikel 8:75 van Pro de Algemene wet bestuursrecht af.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt afgewezen en de vastgestelde gedifferentieerde WAO-premie voor 2003 blijft gehandhaafd.