ECLI:NL:CRVB:2005:AU5504
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Th.C. van Sloten
- C. van Viegen
- H.J. de Mooij
- Rechtspraak.nl
Bevestiging terugvordering onverschuldigde bijstand ondanks beslagvrije voet
De zaak betreft een hoger beroep tegen de terugvordering van onverschuldigde bijstand door het College van burgemeester en wethouders van Heerlen. De bijstand werd ingetrokken omdat appellant beschikte over vermogen in de vorm van een woning. Appellant maakte geen bezwaar tegen het intrekkingsbesluit, waardoor dit besluit rechtens onaantastbaar werd.
De terugvordering betrof de periode van 22 augustus 2002 tot en met 31 december 2002, een bedrag van €4.342,17. De rechtbank verklaarde het beroep tegen de terugvordering ongegrond, hetgeen door de Centrale Raad van Beroep werd bevestigd. De Raad oordeelde dat aan de wettelijke voorwaarden voor terugvordering was voldaan en dat er geen dringende redenen waren om geheel of gedeeltelijk van terugvordering af te zien.
De Raad benadrukte dat de beslagvrije voet volgens artikel 475d van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering voldoende bescherming biedt om het levensonderhoud te waarborgen. Daarom is de terugvordering rechtmatig en wordt de uitspraak van de rechtbank bevestigd. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De terugvordering van onverschuldigde bijstand wordt bevestigd zonder kwijtschelding.