ECLI:NL:CRVB:2005:AU0998
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Th.G.M. Simons
- A.B.J. van der Ham
- J.N.A. Bootsma
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking en terugvordering bijstandsuitkering wegens woonplaatsverandering
Appellanten ontvingen vanaf 1994 een bijstandsuitkering van de gemeente Maastricht. Na een melding startte de gemeente een onderzoek naar de feitelijke woonplaats van appellanten, waarbij bleek dat zij sinds 1 maart 2000 voornamelijk op een camping in België verbleven en niet meer in Maastricht woonden. Appellanten hadden dit niet gemeld, wat een schending van de inlichtingenverplichting vormde.
De gemeente trok de bijstandsuitkering met ingang van 1 maart 2000 in en vorderde de kosten van de uitkering terug over de periode tot augustus 2002. De rechtbank verklaarde het beroep tegen de intrekking ongegrond, maar vernietigde het besluit over de terugvordering en beval een hernieuwde beslissing. In hoger beroep stelde de Raad vast dat het nieuwe besluit over de terugvordering niet tegemoet kwam aan de bezwaren, waardoor het hoger beroep daarop niet-ontvankelijk werd verklaard.
De Raad oordeelde dat de woonplaats van appellanten feitelijk buiten Maastricht lag, zoals blijkt uit verklaringen van appellanten zelf, getuigen en het lage energieverbruik van de woning. Er waren geen dringende redenen om af te zien van intrekking of terugvordering. De Raad bevestigde daarom het besluit tot intrekking en verklaarde het beroep tegen het besluit op bezwaar over de terugvordering ongegrond.
Uitkomst: De intrekking van de bijstandsuitkering wordt bevestigd en het beroep tegen de terugvordering wordt niet-ontvankelijk verklaard of ongegrond.