ECLI:NL:CRVB:2005:AT8145
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Th.G.M. Simons
- M.I. ’t Hooft
- W.I. Degeling
- Rechtspraak.nl
Beslagvrije voet en invordering bijstandsschuld gemeente Eindhoven
Appellanten hebben hoger beroep ingesteld tegen een uitspraak van de rechtbank over een besluit van de gemeente Eindhoven inzake de invordering van een bijstandsschuld. Het oorspronkelijke besluit hield in dat maandelijks 10% van de bijstandsnorm werd ingehouden om de schuld af te lossen.
De gemeente heeft later een nieuw besluit genomen waarbij het in te houden bedrag werd verlaagd met de premie voor een collectieve aanvullende ziektekostenverzekering. Dit nieuwe besluit verving het eerdere besluit, waardoor het hoger beroep niet-ontvankelijk werd verklaard.
Appellanten voerden aan dat ook woonkosten meegewogen hadden moeten worden, maar konden dit niet onderbouwen met stukken. Verder was er geen reden om af te zien van het invorderingsbeleid op grond van persoonlijke omstandigheden.
De Raad verklaarde het beroep tegen het nieuwe besluit ongegrond, veroordeelde de gemeente in de proceskosten van appellanten en bepaalde dat het betaalde griffierecht aan appellanten wordt vergoed.
Uitkomst: Het hoger beroep is niet-ontvankelijk verklaard en het beroep tegen het nieuwe besluit ongegrond; de gemeente wordt veroordeeld in proceskosten en griffierecht.