ECLI:NL:CRVB:2005:AT7533
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- M.A. Hoogeveen
- C.P.J. Goorden
- B.M. van Dun
- Rechtspraak.nl
Bevestiging besluit tot niet-herleving en geen nieuw WW-recht voor appellante
Appellante heeft hoger beroep ingesteld tegen een uitspraak van de rechtbank Rotterdam waarin werd geoordeeld dat haar eerder toegekende WW-uitkering niet herleeft en dat zij geen nieuw WW-recht krijgt toegekend met ingang van 10 september 2002.
De Centrale Raad van Beroep heeft het geschil beoordeeld aan de hand van de Werkloosheidswet zoals die ten tijde van het geschil van toepassing was. De Raad onderschrijft volledig de overwegingen en vaststellingen van de rechtbank en ziet geen nieuwe feiten of gronden in het hoger beroep die tot een ander oordeel zouden moeten leiden.
De Raad bevestigt daarom de uitspraak van de rechtbank en wijst het hoger beroep af. Tevens is er geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan in het openbaar op 22 juni 2005 door de voorzitter en leden van de Raad.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt dat de eerder toegekende WW-uitkering niet herleeft en kent appellante geen nieuw WW-recht toe.