ECLI:NL:CRVB:2005:AT5905
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- G.A.J. van den Hurk
- C. van Viegen
- W.I. Degeling
- Rechtspraak.nl
Beoordeling bevoegdheid tot kwijtschelding van terugvordering op grond van artikel 78c Algemene bijstandswet
Appellanten hebben verzocht om kwijtschelding van openstaande schulden bij de gemeente Arnhem op grond van artikel 78c van de Algemene bijstandswet (Abw). Deze schulden zijn vastgesteld door de kantonrechter wegens teveel verleende bijstand.
De gemeente heeft het verzoek afgewezen vanwege fraude, recidive en het feit dat appellanten niet vrijwillig betaalden. De rechtbank vernietigde het bezwaarbesluit wegens onjuiste wettelijke grondslag, maar handhaafde de rechtsgevolgen omdat het beleid van de gemeente niet onredelijk was.
In hoger beroep oordeelt de Raad dat appellanten niet hebben voldaan aan de voorwaarden van artikel 78c Abw, met name het ontbreken van een aaneengesloten periode van vijf jaar waarin volledig is afgelost. Ook waren er periodes waarin appellanten niet aan betalingsverplichtingen voldeden en inkomsten verzwegen.
De Raad bevestigt daarom het besluit van de gemeente en wijst het verzoek tot schadevergoeding af. Er is geen aanleiding voor vergoeding van wettelijke rente of proceskosten.
Uitkomst: De Raad bevestigt dat de gemeente terecht heeft geweigerd kwijtschelding te verlenen omdat appellanten niet voldeden aan de voorwaarden van artikel 78c Abw.