ECLI:NL:CRVB:2005:AT5613
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Beoordeling schatting niet opgegeven loonbetalingen bij premiecorrectie
Appellanten, exploitanten van restaurants, maakten bezwaar tegen premiecorrectienota's over de jaren 1996-1999 wegens niet volledig opgegeven loonbetalingen, waaronder bonussen, proefmiddagen en schoonmakers. De rechtbank Amsterdam verklaarde het beroep gedeeltelijk gegrond en beval nieuwe besluiten op bezwaar. Gedaagde nam deze besluiten, maar appellanten bleven bezwaar maken tegen de schatting van de niet opgegeven lonen.
De Raad stelde vast dat appellanten geen belang meer hadden bij beoordeling van eerdere besluiten omdat deze waren ingetrokken. De kern van het geschil betrof de vraag of de schatting van het premieloon door gedaagde, gebaseerd op spreadsheets en verklaringen van een ex-werknemer, rechtens toelaatbaar was. Hoewel appellanten de betrouwbaarheid van deze gegevens betwistten, oordeelde de Raad dat gedaagde op grond van vaste jurisprudentie een redelijke schatting mocht maken bij gebrek aan een deugdelijke administratie.
De Raad vond de gehanteerde schattingsmethodiek niet onaanvaardbaar en zag geen reden om de uitkomsten buiten beschouwing te laten. De enkele mogelijkheid dat de schatting hoger uitviel dan bij een correcte administratie het geval zou zijn geweest, was onvoldoende om de schatting te verwerpen. De Raad verklaarde daarom de beroepen ongegrond en wees toepassing van artikel 8:75 Awb Pro af.
De uitspraak werd gedaan door voorzitter R.C. Stam en leden C.P.M. van de Kerkhof en M. Greebe, in aanwezigheid van griffier M. Renden, op 12 mei 2005.
Uitkomst: De hoger beroepen zijn niet-ontvankelijk en ongegrond verklaard; de schatting van niet opgegeven loonbetalingen wordt bevestigd.