ECLI:NL:CRVB:2005:AT5432
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Th.C. Sloten
- J.M.A. van der Kolk-Severijns
- J.J.A. Kooijman
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit intrekking bijstand wegens gezamenlijke huishouding en verzwegen inkomsten
Appellante ontving vanaf 1993 bijstand en werd na een anonieme melding onderzocht door de sociale recherche van de gemeente Alphen aan den Rijn. Bij besluit van 18 december 2000 werd haar recht op bijstand ingetrokken over de periode 1997-2000 wegens het voeren van een gezamenlijke huishouding en het verzwegen van inkomsten uit arbeid. Gedaagde herzag dit besluit deels bij besluit van 12 april 2002, waarbij de gezamenlijke huishouding en de terugvordering van bijstand werden vastgesteld.
Appellante stelde dat het horen in de bezwaarfase niet zorgvuldig was verlopen en dat zij minder inkomsten had dan vastgesteld. De Raad oordeelde dat de unitleider die het horen verrichtte niet betrokken was bij de voorbereiding van het besluit en dat de sociaal rechercheurs geen nieuwe feiten introduceerden na de hoorzitting. Verder was voldoende vastgesteld dat appellante inkomsten had verzwegen en dat zij over bepaalde periodes een gezamenlijke huishouding voerde.
De Raad vernietigde echter het besluit voor de periodes waarin onvoldoende bewijs was voor een gezamenlijke huishouding en oordeelde dat de terugvordering als één geheel moet worden beschouwd, zodat een nieuw besluit op bezwaar noodzakelijk is. Verzoek tot vergoeding van bezwaarkosten werd afgewezen, maar gedaagde werd veroordeeld in de proceskosten van appellante.
Uitkomst: De Raad vernietigt delen van het besluit tot intrekking en terugvordering van bijstand wegens gezamenlijke huishouding en verzwegen inkomsten en veroordeelt de gemeente in proceskosten.