ECLI:NL:CRVB:2005:AS8570
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.C.F. Talman
- K. Zeilemaker
- H.G. Rottier
- Rechtspraak.nl
Bevestiging terugvordering te veel betaalde werkloosheidsuitkering onderwijs- en onderzoekspersoneel
Appellant ontving op grond van het Besluit Werkloosheid onderwijs- en onderzoekpersoneel (BWOO) een loongerelateerde werkloosheidsuitkering. Later bleek dat over de periode van 1 februari 2001 tot 1 februari 2003 abusievelijk 100% van het dagloon was uitbetaald in plaats van 70%. Gedaagde vorderde daarom een bedrag van € 9.294,04 terug. Appellant maakte bezwaar tegen deze terugvordering, stellende dat het hem niet duidelijk kon zijn dat hij teveel ontving en dat hij erop mocht vertrouwen dat de uitkering correct was, mede vanwege uitlatingen van consulenten.
De rechtbank verklaarde het bezwaar ongegrond, en de Centrale Raad van Beroep bevestigde deze uitspraak. De Raad oordeelde dat appellant op grond van de uitkeringsspecificaties en het besluit van 20 maart 2000 redelijkerwijs kon begrijpen dat hij teveel had ontvangen. De uitlatingen van consulenten waren niet voldoende om het vertrouwensbeginsel te laten slagen. Ook de door appellant aangevoerde schade, zoals het mislopen van huursubsidie en kwijtscheldingen, vormde geen bijzondere omstandigheid die terugvordering zou moeten beperken.
De Raad stelde dat gedaagde bevoegd was om het onverschuldigd betaalde bedrag binnen twee jaar terug te vorderen en dat appellant had kunnen voorkomen dat hij nadeel leed door tijdig te reageren. Er werd geen aanleiding gezien om proceskosten toe te wijzen aan appellant.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de terugvordering van het te veel betaalde bedrag en verklaart het beroep ongegrond.