ECLI:NL:CRVB:2004:AR7502
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- R.H.M. Roelofs
- A.B.J. van der Ham
- H.J. de Mooij
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking en boete bijstandsuitkering wegens gezamenlijke huishouding
Appellante ontving een bijstandsuitkering als alleenstaande ouder. Naar aanleiding van een anonieme tip is onderzoek gedaan waaruit bleek dat zij met betrokkene een gezamenlijke huishouding voerde, hetgeen niet was gemeld. Hierdoor is de uitkering met terugwerkende kracht ingetrokken en een boete opgelegd.
De Raad acht de onderzoeksbevindingen voldoende om te concluderen dat betrokkene zijn hoofdverblijf had in de woning van appellante, ondanks dat hij officieel elders stond ingeschreven. Appellante heeft hierdoor de inlichtingenverplichting geschonden zoals bedoeld in de Algemene bijstandswet (Abw).
De Raad oordeelt dat de intrekking van de uitkering en de boete terecht zijn opgelegd. Er zijn geen dringende redenen gevonden om van deze maatregelen af te zien. Ook de hoogte van de boete is volgens de Raad correct vastgesteld volgens het Boetebesluit sociale zekerheidswetten. De uitspraak van de rechtbank wordt bevestigd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de intrekking van de bijstandsuitkering en de oplegging van een boete wegens het niet melden van een gezamenlijke huishouding.