ECLI:NL:CRVB:2004:AR2301
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- R.M. van Male
- J.M.A. van der Kolk-Severijns
- N.J. van Vulpen-Grootjans
- Rechtspraak.nl
Beoordeling aanvraag bijzondere bijstand voor vaatwasmachine, matras en medische kosten
Appellante, een bijstandsontvanger, vroeg herhaaldelijk bijzondere bijstand aan voor de aanschaf van een vaatwasmachine, vervanging van een matras, en kosten van medicijnen, dieetpreparaten en voedingssupplementen vanwege haar ME-ziekte.
De gemeente Utrecht wees de aanvraag voor de vaatwasmachine af op grond van het ontbreken van nieuwe feiten of omstandigheden, conform artikel 4:6 Awb Pro. De rechtbank verklaarde het beroep niet-ontvankelijk, waarna appellante hoger beroep instelde.
Voor de matras werd bijzondere bijstand toegekend in de vorm van een geldlening, waarbij de Raad oordeelde dat dit passend was gezien de richtlijnen en het karakter van duurzame gebruiksgoederen. De aanvraag voor medische kosten werd afgewezen omdat deze kosten niet als noodzakelijk werden erkend binnen de voorliggende voorzieningen en er geen noodsituatie was.
De Raad bevestigde de eerdere uitspraak en oordeelde dat appellante terecht niet in aanmerking kwam voor bijstand voor vaatwasmachine en medische kosten, maar dat de geldlening voor de matras passend was.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de afwijzing van bijzondere bijstand voor vaatwasmachine en medische kosten en wijst toe een geldlening voor vervanging van een matras.