ECLI:NL:CRVB:2004:AQ6778
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- M.A. Hoogeveen
- C.P.J. Goorden
- H.G. Rottier
- Rechtspraak.nl
Bevestiging herziening WAO-uitkering en beoordeling belastbaarheid op 23 februari 2000
Appellante, die sinds 23 februari 1995 een WAO-uitkering ontving van 80 tot 100% arbeidsongeschiktheid, kreeg deze per 5 december 1999 herzien naar 25 tot 35%. De rechtbank Arnhem verklaarde het beroep tegen deze herziening ongegrond, en ook de Centrale Raad van Beroep bevestigde dit bij hoger beroep.
De Raad oordeelde dat de medische beoordeling van de belastbaarheid door verzekeringsarts Kurris-Niewold en bezwaarverzekeringsarts Verheijen, die rekening hielden met rug- en beenklachten en een pijnstoornis, juist was. Appellante werd geacht de door de arbeidsdeskundige voorgestelde functies te kunnen verrichten.
Appellante verzocht nog om benoeming van een onafhankelijke deskundige voor nader medisch onderzoek, maar de Raad vond geen aanleiding daartoe, mede omdat een MRI-onderzoek van december 2000, dat een hernia aantoonde, pas tien maanden na de datum in geschil was uitgevoerd. De Raad concludeerde dat de belastbaarheid op 23 februari 2000 niet onjuist was vastgesteld en wees het hoger beroep af.
Uitkomst: De herziening van de WAO-uitkering naar 25-35% arbeidsongeschiktheid per 23 februari 2000 wordt bevestigd en het hoger beroep van appellante wordt afgewezen.