ECLI:NL:CRVB:2004:AO3720
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- G.A.J. van den Hurk
- N.J. van Vulpen-Grootjans
- A.B.J. van der Ham
- Rechtspraak.nl
Bevestiging besluit bijstandverlening zelfstandige en omzetting lening in bedrag om niet
Appellante, een zelfstandige, ontving bijstand voor de periode van 1 november 1997 tot en met 31 december 1997. Deze bijstand werd later omgezet in een bedrag om niet, terwijl de verstrekking van bijstand in de vorm van een lening werd voortgezet gedurende 1998. Gedaagde, het College van burgemeester en wethouders van Steenbergen, had bij besluiten in 1998 en 1999 de bijstand deels omgezet en deels als lening voortgezet. Appellante maakte bezwaar tegen de vaststelling van het bedrag en stelde dat het verlies over eind 1997 in mindering had moeten worden gebracht op het inkomen over 1998, en dat de hoogte van de bijstand te hoog was vastgesteld vanwege niet volledig geïncasseerde onderhoudsbijdragen.
De Raad oordeelde dat de vaststelling van het inkomen over 1998 op basis van de jaarstukken correct was en dat het verlies over de korte periode eind 1997 terecht niet in mindering was gebracht. De Raad volgde de wettelijke bepalingen van de Algemene bijstandswet en het Besluit bijstandsverlening zelfstandigen (Bbz) en stelde vast dat de bijstand correct was vastgesteld en omgezet. Er was geen grond om het bedrag aan bijstand te verlagen op basis van de niet geïncasseerde onderhoudsbijdrage.
De Centrale Raad van Beroep bevestigde daarom het eerdere vonnis van de rechtbank Breda en verklaarde het bezwaar ongegrond. Er werden geen proceskosten toegewezen.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt het besluit en verklaart het bezwaar ongegrond.