ECLI:NL:CRVB:2002:AE3262
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- G.A.J. van den Hurk
- R.M. van Male
- R.H.M. Roelofs
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit over toekenning activiteitenpremie en premie deeltijdwerk IOAW-uitkering
Appellante ontvangt sinds 26 juli 1996 een IOAW-uitkering. Gedaagde wees aanvankelijk aanvragen voor een activiteitenpremie en premie deeltijdwerk af, waarna na bezwaar deze premies werden toegekend met ingang van 17 december 1996, niet met terugwerkende kracht tot 26 juli 1996 zoals appellante wenste.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, maar de Raad stelde vast dat de premies slechts op aanvraag kunnen worden toegekend en dat de ingangsdatum van 16 oktober 1996 juist is omdat appellante zich toen meldde voor een aanvraag. Onvoldoende voorlichting door de gemeente rechtvaardigt geen eerdere ingangsdatum.
De Raad vernietigt het bestreden besluit en beveelt gedaagde een nieuw besluit te nemen met inachtneming van deze uitspraak, inclusief de hoogte van de premies. Tevens veroordeelt de Raad gedaagde in de proceskosten en vergoedt het griffierecht.
Uitkomst: Het bestreden besluit wordt vernietigd en gedaagde wordt opgedragen een nieuw besluit te nemen met correcte ingangsdatum en premietoekenning.