ECLI:NL:CRVB:1997:ZB6720
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.C.F. Talman
- P.H. Hugenholtz
- Th.C. van Sloten
- Rechtspraak.nl
Bevestiging terugvordering onterecht betaalde vakantietoeslag op grond van Werkloosheidswet
Appellant was commercieel directeur bij een failliete B.V. en vroeg een uitkering aan op grond van de overnemingsregeling van de Werkloosheidswet. Gedaagde betaalde hem vakantietoeslag uit, maar vorderde deze later terug omdat appellant volgens de rechtbank afstand had gedaan van zijn recht op vakantietoeslag.
Appellant betwistte dit en stelde dat vanwege de financiële situatie van de B.V. afgesproken was om vakantietoeslag niet uit te betalen, zonder schriftelijke vastlegging. De Raad oordeelde dat het niet aannemelijk was dat appellant geen andere keuze had dan afzien van vakantietoeslag en dat het onredelijk was om hem op grond van de overnemingsregeling betalingen toe te kennen die hij anders niet zou hebben ontvangen.
De Raad bevestigde dat appellant redelijkerwijs had moeten begrijpen dat de uitkering ten onrechte was betaald en dat gedaagde de terugvordering op grond van de wet mocht doen. De aangevallen uitspraak van de rechtbank werd bevestigd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de terugvordering van ten onrechte betaalde vakantietoeslag aan appellant.