ECLI:NL:CBB:2026:334
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Proceskostenveroordeling
- A. Venekamp
- R.C. Stam
- H.R. Kranenborg
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit subsidie Landelijke beëindigingsregeling veehouderij wegens gewijzigde grondslag en afwijzing op nieuwe gronden
De vennootschap vroeg subsidie aan op grond van de Landelijke beëindigingsregeling veehouderijlocaties voor stikstofreductie (Lbv) voor een locatie in een gemeente. De minister wees de aanvraag aanvankelijk af omdat de vennootschap de drempelwaarde van stikstofdepositie niet haalde volgens de AERIUS Check, gebaseerd op het referentiejaar 2021. De vennootschap stelde dat 2021 niet representatief was en wilde dat gekeken werd naar 2019 of 2020.
In het beroepschrift wijzigde de minister zijn standpunt en liet de oorspronkelijke afwijzingsgrond vallen, maar stelde nieuwe gronden voor afwijzing voor: de vennootschap is geen veehouder in de zin van de regeling en de stal heeft ruim negen maanden leeggestaan. Het College oordeelde dat het bestreden besluit daardoor een ondeugdelijke motivering had en vernietigde het besluit.
Het College liet echter de rechtsgevolgen van het besluit in stand omdat de nieuwe afwijzingsgronden terecht waren. De vennootschap bracht geen tegenbewijs en had voldoende gelegenheid gehad om de gewijzigde motivering te weerleggen. Daarnaast veroordeelde het College de minister in de proceskosten en kende de vennootschap een vergoeding toe wegens overschrijding van de redelijke termijn.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard, het bestreden besluit vernietigd, maar de rechtsgevolgen blijven in stand vanwege nieuwe afwijzingsgronden.