ECLI:NL:CBB:2025:28
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep ongegrond verklaard tegen accountantsklacht over verwerking afboeking investeringen gemeente
Twee gemeenteraadsleden stelden een tuchtklacht in tegen een accountant die de jaarrekening 2019 van hun gemeente controleerde, omdat zij meenden dat de afboeking van investeringen met maatschappelijk nut van vóór 2017 ten onrechte in de jaarrekening 2019 was verwerkt zonder dat daarvoor een raadsbesluit bestond.
De accountantskamer verklaarde de klacht ongegrond. In hoger beroep voerden de klagers aan dat de accountantskamer de klacht onvolledig en onjuist had samengevat en dat de afboeking pas in 2020 had mogen plaatsvinden. Het College van Beroep oordeelde dat de accountantskamer de klacht adequaat had weergegeven en dat het besluit van de gemeenteraad van november 2019 juist diende te worden verwerkt in de jaarrekening 2019 om het beoogde structurele voordeel in de begroting 2020-2023 te realiseren.
Verder stelde het College vast dat de accountant de onderliggende raadsbesluiten had gecontroleerd en dat hij niet verplicht was individuele raadsleden inzage te geven in zijn controledossier. Nieuwe klachten in hoger beroep werden niet toegelaten. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de klacht tegen de accountant wordt afgewezen.