ECLI:NL:CBB:2025:149

College van Beroep voor het bedrijfsleven

Datum uitspraak
17 februari 2025
Publicatiedatum
5 maart 2025
Zaaknummer
23/1843
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Bestuursrecht
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Proces-verbaal
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Verwijzingen
1 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Beroep ongegrond wegens overschrijding staatssteunplafond bij subsidie TVL

Het College van Beroep voor het bedrijfsleven behandelde het beroep van [naam 1] B.V. tegen de herziening door de minister van Economische Zaken van de subsidie voor het derde kwartaal van 2021 in het kader van de regeling subsidie vaste lasten financiering COVID-19 (TVL).

De minister had de subsidie voor [naam 1] B.V. op nihil vastgesteld en te veel betaalde subsidie teruggevorderd omdat de staatssteungrens voor de groep was overschreden. Zowel [naam 1] B.V. als haar moederonderneming [naam 4] B.V. behoren tot dezelfde groep, waarbij aan de moederonderneming tot en met het tweede kwartaal van 2021 een subsidie van € 225.000,- was verstrekt.

Het College stelde vast dat het toepasselijke staatssteunplafond voor ondernemingen actief in de primaire productie van landbouwproducten correct was toegepast en dat dit plafond van € 225.000,- was bereikt. Hierdoor was er geen ruimte meer om aan [naam 1] B.V. subsidie te verstrekken. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard.

Het College zag geen aanleiding om het betoog van [naam 1] B.V. te beoordelen dat bij de moederonderneming niet het juiste staatssteunplafond zou zijn toegepast, aangezien het besluit hierover in rechte vaststond.

Uitkomst: Het beroep van [naam 1] B.V. is ongegrond verklaard omdat het staatssteunplafond voor de groep is bereikt.

Uitspraak

proces-verbaal uitspraak

COLLEGE VAN BEROEP VOOR HET BEDRIJFSLEVEN

zaaknummer: 23/1843
proces-verbaal van de mondelinge uitspraak van de meervoudige kamer van 17 februari 2025
Rechters: mr. R.W.L. Koopmans, mr. B. Bastein en mr. W.J.A.M. van Brussel
Griffier: mr. L.N. Foppen

Partijen

[naam 1] B.V., te [plaats] ( [naam 1] ), waarvoor aanwezig zijn [naam 2] en gemachtigde [naam 3]
en
de minister van Economische Zaken, waarvoor aanwezig zijn mr. M. Achalhi en C. Zieleman

Beslissing

Het College verklaart het beroep ongegrond.

Overwegingen

1. De minister heeft de subsidie van [naam 1] over het derde kwartaal van 2021 herzien en op nihil vastgesteld en te veel betaalde subsidie teruggevorderd, omdat de staatssteungrens voor de groep is overschreden. [naam 1] en haar moederonderneming [naam 4] B.V. ( [naam 4] ) behoren tot dezelfde groep. Aan [naam 4] is tot en met tweede kwartaal van 2021 een subsidie verstrekt van € 225.000,-. De minister heeft daarbij het staatssteunplafond toegepast dat geldt voor ondernemingen die actief zijn in de primaire productie van landbouwproducten.
2 Het besluit van de minister over het toepasselijke staatssteunplafond [naam 2] staat in rechte vast. Het College komt daarom niet toe aan een beoordeling van het betoog dat bij [naam 4] niet het juiste staatssteunplafond is toegepast. Tussen partijen is verder niet in geschil dat [naam 1] actief is in de primaire productie van landbouwproducten. Dat heeft tot gevolg dat er binnen het geldende staatssteunplafond van € 225.000,- geen ruimte meer is om aan [naam 1] subsidie te verstrekken. Het beroep is om die reden ongegrond.
w.g. R.W.L. Koopmans w.g. L.N. Foppen