ECLI:NL:CBB:2025:115
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Verzet
- Rechtspraak.nl
Verzet tegen afwijzing subsidie vaste lasten financiering COVID-19 ongegrond verklaard
De onderneming heeft verzet ingesteld tegen een eerdere uitspraak van het College van Beroep voor het bedrijfsleven waarin haar aanvraag voor subsidie op grond van de Regeling subsidie vaste lasten financiering COVID-19 voor het eerste kwartaal van 2022 werd afgewezen wegens te late indiening.
Het College heeft in de eerdere uitspraak vastgesteld dat de aanvraag te laat was ingediend en dat, hoewel ernstige persoonlijke omstandigheden in sommige gevallen tot uitzondering kunnen leiden, in deze zaak onvoldoende bewijs was dat dergelijke omstandigheden aanwezig waren. De medische situatie van de bestuurster en haar echtgenoot werd meegewogen, maar het College constateerde dat de onderneming ook in andere periodes met dezelfde omstandigheden wel tijdig aanvragen had ingediend.
Daarnaast was er geen bewijs dat het onmogelijk was om iemand anders binnen of buiten de onderneming de opdracht te geven de aanvraag tijdig in te dienen. De onderneming bracht geen nieuwe feiten of argumenten aan in het verzet die de eerdere uitspraak konden weerleggen.
Daarom verklaart het College het verzet ongegrond en komt daarmee tot een definitieve beslissing in deze zaak.
Uitkomst: Het verzet tegen de afwijzing van de subsidieaanvraag wegens te late indiening wordt ongegrond verklaard.