ECLI:NL:CBB:2024:258
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroep tegen niet-toekenning varkensrechten door minister
De zaak betreft het beroep van [naam 1] tegen het niet-ontvankelijk verklaren van haar bezwaar door de minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit. [naam 1] had verzocht om ambtshalve toekenning van varkensrechten op grond van de Meststoffenwet, omdat zij over faciliteiten en vergunningen beschikt voor het houden van varkens. De minister had in een brief van 29 april 2022 aangegeven geen mogelijkheid te zien om varkensrechten toe te kennen en verklaarde vervolgens het bezwaar niet-ontvankelijk.
Het College oordeelt dat de brief van de minister geen besluit is in de zin van de Algemene wet bestuursrecht (Awb), omdat het varkensrecht rechtstreeks uit de Wet herstructurering varkenshouderij (Whv) voortvloeide, die inmiddels is vervallen. Het verzoek van [naam 1] was geen aanvraag om een beschikking te nemen. Daarom was het bezwaar niet-ontvankelijk.
Het College gaat niet in op de inhoudelijke vraag of [naam 1] ten onrechte geen varkensrechten heeft gekregen. Wel merkt het College op dat de minister aannemelijk heeft gemaakt dat [naam 1] destijds waarschijnlijk niet aan de voorschriften voldeed. Het beroep wordt ongegrond verklaard en de minister hoeft geen proceskosten te vergoeden.
Uitkomst: Het beroep van [naam 1] wordt ongegrond verklaard omdat het bezwaar terecht niet-ontvankelijk is verklaard.