ECLI:NL:CBB:2023:692
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing te late TVL-aanvraag voor eerste kwartaal 2022 niet onrechtmatig
De ondernemer diende een aanvraag in voor de subsidie vaste lasten financiering COVID-19 (TVL) voor het eerste kwartaal van 2022, maar deed dit na de uiterste indieningsdatum van 31 maart 2022. De minister wees de aanvraag af en verklaarde het bezwaar ongegrond. De ondernemer stelde dat hij uitging van een langere aanvraagtermijn zoals bij eerdere kwartalen en dat de minister door de strenge toepassing voorbijging aan het doel van de TVL.
Het College overwoog dat de termijn van 31 maart 2022 strikt geldt vanwege Europese regelgeving die vereist dat alle aanvragen uiterlijk 30 juni 2022 zijn afgehandeld. De minister heeft geen ruimte om van deze termijn af te wijken. De ondernemer had de verantwoordelijkheid om op de hoogte te zijn van de geldende regels en kon tijdig indienen. Het College vond geen reden om het besluit als onevenredig of onrechtmatig te beschouwen.
Daarmee is het beroep ongegrond verklaard en blijft de afwijzing van de aanvraag in stand. De minister hoeft geen proceskosten te vergoeden. De uitspraak bevestigt dat subsidieverlening strikt gebonden is aan de wettelijke aanvraagtermijnen en dat persoonlijke communicatie over wijzigingen niet verplicht is.
Uitkomst: De minister heeft de subsidieaanvraag terecht afgewezen wegens te late indiening; het beroep is ongegrond verklaard.