Uitspraak
COLLEGE VAN BEROEP VOOR HET BEDRIJFSLEVEN
uitspraak van de meervoudige kamer van 16 augustus 2022 in de zaak tussen
[naam 1] B.V., [plaats] , appellante
de minister van Economische Zaken en Klimaat, verweerder
Procesverloop
Overwegingen
Omdat uit de nihilstelling volgt dat de voorschotten onverschuldigd zijn betaald, is de terugvordering eveneens noodzakelijk en geschikt om te voorkomen dat appellante financiële middelen behoudt waarop zij geen recht meer heeft. De terugvordering is niet onevenwichtig omdat deze het bedrag betreft waarop appellante geen aanspraak meer heeft, maar dat zij wel betaald heeft gekregen. Van bijzondere omstandigheden op grond waarvan moet worden geoordeeld dat het op nihil vaststellen en terugvorderen van de subsidie in de gegeven omstandigheden toch onevenredig nadelig is voor appellante, is niet gebleken.