Appellante, Eneco Solar, Bio & Hydro B.V., diende een aanvraag in voor een SDE-subsidie voor een zonnepark met een subsidieduur van vijftien jaar, maar beschikte slechts over een tijdelijke omgevingsvergunning van tien jaar. De minister wees de aanvraag af omdat het onaannemelijk werd geacht dat het project economisch haalbaar was binnen vijftien jaar, mede vanwege de beperkte vergunningduur.
Appellante voerde aan dat de intentieverklaring van de gemeente en eerdere subsidieverleningen voor vergelijkbare gevallen voldoende garanties boden voor een exploitatieperiode van vijftien jaar. Tevens stelde zij dat het vertrouwensbeginsel was geschonden en dat het gelijkheidsbeginsel werd overtreden doordat vergelijkbare aanvragen wel werden gehonoreerd.
Het College oordeelde dat het beleid van de minister tot die tijd was dat een tijdelijke vergunning van tien jaar in combinatie met een intentieverklaring voldoende was om subsidie voor vijftien jaar te verlenen. De minister had dit beleid niet tijdig en duidelijk gewijzigd. Het beroep werd gegrond verklaard, het bestreden besluit vernietigd en de minister opgedragen binnen acht weken een nieuw besluit te nemen met inachtneming van deze uitspraak.