ECLI:NL:CBB:2017:357
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste aanleg - meervoudig
- R.R. Winter
- R.C. Stam
- H.L. van der Beek
- Rechtspraak.nl
Afwijzing aanvraag S&O-verklaring voor technisch nieuwe programmatuur wegens onvoldoende onderbouwing
Appellanten, ontwikkelaars van programmatuur voor de scheepsbouw, hebben S&O-verklaringen aangevraagd voor twee projecten. De minister van Economische Zaken heeft deze aanvragen aanvankelijk niet in behandeling genomen wegens ontbrekende gegevens en later afgewezen omdat de werkzaamheden niet als speur- en ontwikkelingswerk konden worden aangemerkt.
Appellanten voerden aan dat hun aanvragen onterecht informeel waren behandeld en dat zij technisch nieuwe programmatuur hadden ontwikkeld. Het College oordeelde dat er geen recht bestaat op een informele behandeling en dat appellanten niet tekort zijn gedaan in de bezwaarprocedure, die ook een hoorzitting omvatte.
Verder concludeerde het College dat appellanten onvoldoende aannemelijk hebben gemaakt dat zij technisch nieuwe onderdelen van programmatuur ontwikkelden. De technische knelpunten en oplossingsrichtingen waren onvoldoende concreet beschreven, waardoor niet kon worden vastgesteld dat sprake was van speur- en ontwikkelingswerk zoals bedoeld in de relevante wet- en regelgeving.
Het College wees het beroep af en zag geen aanleiding tot proceskostenveroordeling. Tevens werd opgemerkt dat in een latere bezwaarprocedure appellanten de gelegenheid krijgen hun standpunt nader toe te lichten aan de hand van de besproken punten tijdens de zitting.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de S&O-verklaringen wordt ongegrond verklaard vanwege onvoldoende aannemelijkheid van technisch nieuwe programmatuur.