ECLI:NL:CBB:2015:180
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Randvoorwaardenkorting GLB-inkomenssteun wegens overtreding Meststoffenwet
In deze uitspraak van het College van Beroep voor het Bedrijfsleven op 29 mei 2015, betreft het een hoger beroep van een appellant tegen een besluit van de staatssecretaris van Economische Zaken. De staatssecretaris had op 21 november 2012 een randvoorwaardenkorting van 3% vastgesteld op de GLB-inkomenssteun voor het jaar 2009, omdat de appellant de Meststoffenwet (Msw) had overtreden. Het bestreden besluit, dat het bezwaar van de appellant ongegrond verklaarde, volgde op een eerdere beslissing van de staatssecretaris. De appellant heeft in hoger beroep aangevoerd dat hij zich aan de gebruiksnormen voor mest heeft gehouden en heeft verzocht om matiging van de korting tot 1%.
Tijdens de zitting op 29 januari 2015 is de zaak behandeld. De staatssecretaris heeft de korting opgelegd omdat de appellant niet voldeed aan de beheerseisen die voortvloeien uit de Europese landbouwverordeningen, specifiek met betrekking tot de bescherming van water tegen verontreiniging door nitraten. De appellant heeft betoogd dat hij niet in strijd heeft gehandeld met de gebruiksnormen en dat de korting onterecht is opgelegd.
Het College heeft overwogen dat de staatssecretaris op basis van artikel 66 van Verordening (EG) nr. 796/2004 de korting van 3% terecht heeft toegepast, aangezien de appellant niet heeft kunnen aantonen dat hij de gebruiksnormen niet heeft overschreden. Het beroep van de appellant is ongegrond verklaard, en er zijn geen termen aanwezig voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is openbaar uitgesproken en ondertekend door de rechters en de griffier.