ECLI:NL:CBB:2012:BX3429
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste en enige aanleg
- Rechtspraak.nl
Kostenverhaal spoedeisende bestuursdwang bij inbeslagneming hond
Appellante maakte bezwaar tegen het besluit van de Staatssecretaris van Economische Zaken om kosten te verhalen die verband hielden met de toepassing van spoedeisende bestuursdwang, waarbij haar hond was meegevoerd en opgeslagen wegens overtreding van de Gezondheids- en welzijnswet voor dieren (Gwd).
De bestuursdwang werd toegepast omdat de hond verwaarloosd was, en de kosten betroffen verblijfskosten, dierenartskosten en dierenambulancekosten. Appellante voerde aan dat zij de kosten niet kon dragen vanwege haar financiële positie en dat zij niet had gehandeld in strijd met de Gwd.
Het College oordeelde dat het besluit tot bestuursdwang onherroepelijk was geworden doordat appellante niet tijdig bezwaar had gemaakt. De kosten waren redelijk en proportioneel, mede omdat verweerder de opvangkosten had gematigd en appellante een betalingsregeling was aangeboden. De verkoopopbrengst van de hond werd in mindering gebracht. Het beroep werd ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep van appellante tegen het kostenverhaal van spoedeisende bestuursdwang is ongegrond verklaard.